Premies ZW en WGA in 2022

Contact

Over het algemeen gaan (middel-)grote werkgevers een fractie hogere premie betalen. Voor de kleine werkgevers ligt het uiteraard aan de sector waarin zij zijn ingedeeld. Voor uitzendbedrijven is de publicatie van de nieuwe premies en parameters geen goed nieuws. Daarnaast is er een grote wijziging die vanaf 2022 wordt doorgevoerd: de nieuwe grens tussen kleine- en middelgrote werkgevers. Deze verschuift van 10 naar 25 keer de gemiddelde loonsom.

De gemiddelde premieplichtige loonsom is bepalend voor de vaststelling van de werkgeversklassen klein, middelgroot en groot. Vanaf premiejaar 2022 is de ondergrens voor middelgrote werkgevers niet meer 10, maar 25 maal het gemiddelde premieplichte loon. Het gemiddelde loon is daarnaast verhoogd met € 700 op jaarbasis. De grenzen van de werkgeversklassen komen er daarmee als volgt uit te zien:

Indeling werkgevers

jaar 2022 2021 2020
Gemiddeld premieplichtig loon € 35.300 € 34.600 € 33.700
Grens kleine/middelgrote werkgever € 882.500 € 346.000 € 337.000
Grens middelgrote/grote werkgever € 3.530.000 € 3.460.000 € 3.370.000

 

Veel klanten van onze organisatie hebben een loonsom tot € 882.500,- en gaat er voor hen wat veranderen.

WGA-premie

Het uitgangspunt van de WGA-premieberekening is de gemiddelde premie, die ten opzichte van dit jaar 0,06%-punt stijgt. De minimumpremie stijgt van 0,19% naar 0,21% en de maximumpremie wordt maar liefst met 0,24%-punt verhoogd naar 3,36%.

Omdat ook het gemiddelde werkgeversrisico met 0,04%-punt is gestegen en de correctiefactor gelijk blijft, ontstaan er geen grote premieverschillen voor grote werkgevers. Er is weliswaar een hogere gemiddelde premie, maar vanwege het gestegen gemiddelde risico komt een werkgever minder snel in aanmerking voor een opslag op de WGA-premie. Als er sprake is van een opslag dan valt deze bovendien lager uit dankzij dit hogere gemiddelde werkgeversrisico. Gemiddeld genomen zal een grote werkgever bij gelijkblijvende schade en loonsom ongeveer 0,01 à 0,02%-punt meer WGA-premie betalen komend jaar. Dat verschil komt uiteraard hoger uit als er sprake is van de maximumpremie.

Voorbeeld berekening grote werkgever

Een werkgever met een actuele en gemiddelde loonsom van  4.000.000 euro heeft een WGA-schadelast van 40.000 euro. Zijn individuele risico bedraagt 1 procent. Op basis van de premieberekening van 2021 betaalt de werkgever dit jaar 52.400 euro aan WGA-premie. Volgend jaar gaat deze werkgever bij gelijkblijvende loonsom en schade 53.200 euro betalen.

WGA

Jaar 2022 2021 2020
Gemiddeld percentage 0,84% 0,78% 0,76%
Maximumpremie 3,36% 3,12% 3,04%
Minimumpremie 0,21% 0,19% 0,19%
Gemiddeld WG-risico 0,56% 0,52% 0,48%
Correctiefactor 1,12 1,12

1,18

 

Ziektewetpremie

Zowel de gemiddelde Ziektewetpremie als het gemiddelde werkgeversrisicopercentage stijgen volgend jaar. In de basis is de premie wat hoger, door het gestegen gemiddeld werkgeversrisico zal de opslag lager zijn. De correctiefactor ligt in 2022 wel een stuk hoger, waardoor het verschil in premie tussen dit jaar en volgend jaar toeneemt naarmate het bedrag aan Ziektewetschade hoger uitvalt.

Voorbeeld

Een werkgever met een actuele en gemiddelde loonsom van 4.000.000 euro heeft een Ziektewet-schadelast van 20.000 euro. De Ziektewetpremie zal stijgen van 30.400 euro dit jaar naar 32.800 euro in 2022. Een premiestijging van 2.400 euro. Als deze werkgever een Ziektewetschade heeft van 60.000 euro dan zijn de premies dit jaar en volgend jaar respectievelijk 80.0000 euro en 84.800 euro; een stijging 4.800 euro. 

Over het algemeen betalen werkgevers met Ziektewetschade volgend jaar een iets hogere premie dan dit jaar. De werkgever die aan de maximumpremie zit wordt met een forsere stijging van 0,40%-punt geconfronteerd. De maximumpremie blijft aanzienlijk stijgen van 2,08% in 2020 naar 2,32% dit jaar en in 2022 is de maximale Ziektewetpremie 2,72%. De maximale Ziektewetpremie voor uitzendbedrijven wordt separaat vastgesteld en bedraagt volgend jaar maar liefst 10,39%.

Ziektewet

premies en parameters

Jaar 2022 2021 2020
Gemiddeld percentage 0,68% 0,58% 0,52%
Maximumpremie 2,72% 2,32% 2,08%
Minimumpremie 0,17% 0,14% 0,13%
Gemiddeld WG-risico 0,39% 0,35% 0,32%
Correctiefactor 1,30 1,24 1,21

*Voor werkgevers in sector 52 ‘Uitzendbedrijven’ geldt een afwijkende maximumpremie van 10,39%.

Middelgrote werkgevers

Een belangrijke wijzing is de nieuwe grens tussen kleine en middelgrote werkgevers die per 2022 zal gelden. In plaats van 10 maal de gemiddelde loonsom zal deze grens op 25 maal de gemiddelde loonsom worden gesteld. De nieuwe grens is het gevolg van de wijziging van de WIA-basispremie (Aof-premie) waarbij werkgevers tot 25 maal de gemiddelde loonsom minder premie gaan betalen dan grotere werkgevers. Sociale Zaken & Werkgelegenheid vindt het niet handig om met twee loongrenzen te gaan werken binnen de werknemersverzekeringen en kiest ervoor om ook voor de Ziektewet- en WGA-financiering de grens ‘kleine werkgever’ te stellen op 25 maal de gemiddelde loonsom. Dit biedt meer duidelijkheid voor werkgevers en gemak voor de uitvoering. Als extra reden geeft het ministerie aan dat het ook een verbetering van de premiesystematiek voor de Whk is. De gedachte daarbij is dat de impact van één ZW- of WGA-toekenning op de premie van een kleine werkgever erg groot is, terwijl de gemiddelde WGA- of ZW-kans relatief laag is. Echter, daarvoor is ook de wegingsfactor in de financiering toegevoegd. Bij een werkgever met bijvoorbeeld 20 maal de gemiddelde loonsom werkt een uitkering maar voor ongeveer 10 procent mee in de totale premie. Het gevolg van de nieuwe grens is in ieder geval dat voor werkgevers die 25 tot en met 100 maal het gemiddelde premieplichtig loon per werknemer per jaar betalen, het individuele deel van de premie kleiner wordt. Voor werkgevers die 10 tot en met 25 maal het gemiddeld premieplichtig loon betalen verdwijnt de invloed van een individueel vastgestelde premie in het geheel. Het principe van de vervuiler betaalt wordt dus minder van toepassing.

Dit artikel is in samenwerking met onze kennispartner Enkwest Opleiding & Advies opgesteld.

243